|
A-Koningscompagnie (para) 11 Infanteriebataljon Air Assault Garderegiment Grenadiers en Jagers. ONTSTAAN VAN DE GRENADIERS De Koningscompagnie deelt samen met de compagnieën van het 11de bataljon de traditie van het Garderegiment Grenadiers en Jagers. Waarbij de leden van de Koningscompagnie als Grenadiers dienen. De eenheidsnaam Garde Grenadiers bestaat in velen landen en werd in de middeleeuwen al toegekend aan Franse elite troepen. Het woord Grenadier is dan ook afgeleid van het Franse woord "Grenade" wat "Granaat" betekend. Deze "handgranaten" waren destijds het belangrijkste wapentuig van de Grenadiers. Dit was in de tijd dat bataljons exercitie gewijs werden afgemarcheerd op linie tot op een meter of 50 van de vijand vandaan. Voor alle afgemarcheerde infanterie stonden de Grenadiers vooraan. Gereed met hun handgranaten, om deze op bevel richting de vijand te gooien. Grenadiers waren dan ook lange mannen met lange armen om de granaten zover mogelijk te gooien. Het waren militairen van wie meer verwacht en geëist werd dan van de gemiddelde militair. Zij vingen als voorste linie troepen immers altijd de zwaarste klappen. Zo zijn ook de berenmutsen te verklaren waaraan de Grenadiers te herkennen zijn. Bij charges van de vijand te paard "oftewel de cavalerie" ging deze muts namelijk het sabelhouwen tegen. De op het huidige embleem van de grenadiers afgebeelde exploderende granaat herinnert nog aan de oorspronkelijke functie van de militairen van dit regiment.
 Koning Willem I (1772-1843) ONDER HET OOG DES KONINGS Het huidige Nederlandse Garderegiment Grenadiers is opgericht op 7 juli 1829 tijdens de regering van Koning Willem I. Omdat het Garderegiment destijds belast was met de zorg voor de veiligheid van de vorst dienden de grenadiers aanvankelijk in Brussel. Belgie viel in die tijd nog onder Holland. Later werd de Koning in ´s Gravenhage beveiligd "onder het oog des Konings". Een van de naamsverklaringen voor de Koningscompagnie. Het Garde Grenadiers heeft nauwe banden met het Garde Jagers. En werd op 22 September 1994 bij Koninklijk Besluit samengevoegd tot het Garderegiment Grenadiers en Jagers. Van 1843 tot 1913 en van 1950 tot 1953 heeft al eerder een Garderegiment Grenadiers en Jagers bestaan. Tijdens de Tiendaagse Veldtocht en de Tweede Wereldoorlog traden de grenadiers en de jagers gezamenlijk op. Tegenwoordig valt het garderegiment Grenadiers en Jagers tot het 11e Infanteriebataljon van de 11e Luchtmobiele Brigade, dat gelegerd is op de Oranjekazerne in Schaarsbergen. Het bataljon bestaat uit de Koningscompagnie (Grenadiers), twee Jager-compagnieën en de Staf en Antitank compagnie (Grenadiers en Jagers). Ook nu nog treden de Grenadiers en Jagers vaak gezamenlijk op tijdens de huidige vredesmissies zoals SFIR 5 in Irak (2005).
VAANDEL Een vaandel is ter land de herkenningsvlag van een militaire eenheid, tegenwoordig hebben deze vaandels alleen nog een ceremoniële betekenis. Vaandels worden gevoerd door regimenten of grotere verbanden. Het vaandel van het garderegiment Grenadiers en Jagers draagt de opschriften "Tiendaagse Veldtocht 1831", "Ypenburg 1940" en "Ockenburgh 1940". Dit herinnerend aan de gevechtsacties die de Grenadiers en Jagers gevoerd hebben. Het vaandel wordt gesierd door het metalen kruis van Koning Willem II. Dit vaandel wordt meegevoerd in de stoet tijdens ceremonieën zoals bijvoorbeeld op de derde dinsdag van september; Prinsjesdag. Het vaandel wordt altijd begeleid door een vaandelwacht bestaande uit Grenadiers en Jagers. De vaandelwacht voor de goudenkoets KONINKLIJKE COMMANDANTEN Zoals al vele malen vernoemd op deze site is de Alfa compagnie van het 11de ook wel bekend als de Koningscompagnie. Deze naam is onder andere gekozen omdat het de wens van Koning Willem I was dat zijn kleinzonen, evenals alle vroegere vorsten uit het huis van Oranje, de krijgskunst niet alleen uit de boeken zouden leren maar vooral in de praktijk zouden beoefenen. Als leerschool kwamen de keurtroepen het eerste in aanmerking. Een van die keurtroepen diende al in Den Haag "onder het oog des Konings". Daarom diende in 1831 bij de 1e Compagnie van het 1e Bataljon Grenadiers Prins Willem, de latere Koning Willem III. In datzelfde jaar diende zijn broer Prins Alexander bij de 1e Compagnie van het 2e Bataljon Grenadiers. Beide Prinsen doorliepen alle diensten bij de afdeling Grenadiers, ook die van Compagniescommandant en Bataljonscommandant. Prins Willem nam zelf bij een oefening het commando over de afdeling waar. In 1849 werd Prins Willem III gekroond tot Koning der Nederlanden. Uit dat jaar stamt waarschijnlijk de benaming "Koningscompagnie" voor de 1e Compagnie van het Bataljon Grenadiers. Het was immers in deze compagnie dat Koning Willem III zijn militaire opleiding kreeg en de compagnie waarover hij later het commando voerde. Ook zijn zoon prins Willem diende in 1853 bij de Koningscompagnie. Door de sterke band die de compagnie heeft met het koningshuis, zijn het ook de grenadiers van de Koningscompagnie die een overleden vorst naar zijn/haar laatste rustplaats dragen in het familiegraf van Oranje-Nassau onder de nieuwe kerk van Delft. Zo gebeurde dat recent in 2002 bij de bijzetting van ZKH prins Claus en in 2004 bij HKH koningin Juliana.
ALEXANDER FANION Om de banden met het Koningshuis te bekrachtigen voert de Koningscompagnie tijdens ceremoniële diensten het Alexander Fanion. Dit Fanion is vernoemd naar de op 30 jarige leeftijd gestorven broer van Koning Willem III. En werd geschonken door Koning Willem III in het jaar 1849 ten teken van de banden die de compagnie heeft met het Koningshuis. Op het fanion staat in zilverdraad de tekst "Prins Alexander der Nederlanden" en wordt bewaard door de compagnies commandant op zijn werkplek.
MUSEUM GARDEREGIMENT GRENADIERS EN JAGERS Op de Oranjekazerne, de huidige standplaats van het regiment, is het Historisch Museum Grenadiers en Jagers te vinden. In 1992 werd dit museum geopend door ZKH Prins Bernhard en in de loop der jaren hebben vele leden van het Koninklijk Huis dit museum met een bezoek vereerd. Zo ook ZHK Prins Willem Alexander, die in 2009 het museum na een verhuizing heropende. Ook hebben de leden van het Huis van Oranje vele historische voorwerpen aan het museum geschonken. Een bezoek aan het museum is in eerste instantie alleen weggelegd voor (oud)militairen. Mocht u hier niet onder vallen maar toch het museum een keer willen bezoeken. Kunt u dit aangeven via het adres op deze site.
LUCHTMOBIElE PARA'S Begin jaren negentig besloot de regering tot oprichting van een snel inzetbare eenheid bij de Landmacht. Dit werd de 11e Luchtmobiele brigade. 8 September 1992 kwamen de eerste lichting van 190 BBT militairen op voor de Luchtmobiele opleiding. Uiteindelijk voltooiden 126 BBT-ers de zware opleiding en vormden de A-compagnie van het 11e Infanteriebataljon oftewel de Koningscompagnie. Vanaf die datum was de Koningscompagnie dus luchtmobiel en werd bij haar inzet en oefeningen ondersteund door helikopters. Het transportmiddel helikopter werkt vaak uitstekend, maar heeft ook zijn beperkingen. Zo is de actieradius niet erg groot, en is het plafond van een heli dermate dat niet elk hooggebergte overwonnen kan worden. In 2003 werd er daarom door de defensiestaf besloten 3 compagnieën bij de luchtmobiele brigade para-inzetbaar te maken. De Koningscompagnie is voor het 11e infanteriebataljon de paracompagnie. Naast getransporteerd worden door helikopters naar een inzetgebied, kan de Koningscompagnie nu ook door vliegtuigen gedropt worden.
VREDESMISSIES De Koningscomapgnie is sinds1992 in het kader van vredesmissies enkele malen op uitzending geweest. Vaak was zij de eerste compagnie van missies met een duur van meerdere jaren. Zo behoorde de Koningscompagnie tot het bataljon dat als eerste het vliegveld bij Tuzla (Bosnië-Herzegovina) beveiligde en was zij de eerste Nederlandse compagnie op Cyprus. In Macedonië hadden de Grenadiers de taak om als eerste Nederlandse eenheid een luchtmobiele inzet te voltooien en in Afghanistan was de compagnie als eerste compagnie de reserve eenheid die door de commandant van Regional Command South in geheel Zuid-Afghanistan operationeel werd ingezet. In 2008 keerde de Koningscompagnie opnieuw terug naar Afghanistan om ditmaal als motorische eenheid het gebied rond Deh Rawod in de provincie veilig te maken en houden. In Irak mocht de compagnie voor de verandering de boel opruimen. Vele grenadiers werden in deze jaren ook individueel of in kleine groepsverbanden meegezonden met andere eenheden tijdens vredesmissies. Zoals bijvoorbeeld de twee pelotons die in 2003 de Bravo-Stiercompagnie versterkten bij de missie ISAF 6 Stage I. Een overzicht van de missies van de A-Koningscompagnie sinds 1992: IDENTITEIT Elke eenheid bij de landmacht vanaf compagnies niveau heeft een eigen logo. Die staat voor de identiteit van de compagnie. Het logo dat hiernaast te zien is wordt sinds de oprichting begin jaren negentig gebruikt en is in 2004 aangepast. In het huidige embleem van de Koningscompagnie zijn de poten van een leeuw te herkennen; de koning der dieren. De exploderende granaat is geplaatst tussen de leeuwenpoten en duidt op de vroegere functie van de grenadiers. De kroon boven de helikopter als teken dat de Koningscompagnie nauwe banden heeft met het Koningshuis. De helikopter geeft aan dat het hier een Luchtmobiele eenheid betreft en de parawing laat zien dat de compagnie ook als airborne eenheid inzetbaar is.

Mocht u nog onvolkomenheden zijn tegengekomen in deze beknopte historie van de A-Koningscompagnie. Dan kunt u dit laten weten aan de webmaster via contact. |